Gepubliceerd op

Leve het immersieve*

Een van mijn lievelingsboeken is Fahrenheit 451 van Ray Bradbury. Het verhaal speelt in de nabije toekomst en gaat over brandweerman Guy Montag die niet langer branden blust- dat is niet meer nodig want huizen zijn vuurvast- maar boeken verbrandt. Boeken maken mensen ongelukkig want je gaat ervan denken en twijfelen. Het brandweerkorps lost dat op.

De maatschappij is ingericht rond mediaconsumptie. Mildred (Guy’s vrouw) slaapt met Seashells in haar oren: kleine radiootjes waarop altijd fijn geluid te horen is. Overdag kijkt ze de hele dag naar hun drie tv muren, waarop haar niet bestaande digitale familieleden de hele dag praten over niets. Haar droom is een vierde wand, zodat niets haar ervaring meer onderbreekt.

Mildred is verslaafd aan oppervlakkigheid; haar brein is altijd maximaal gevuld met niets. De immersieve valse werkelijkheid houdt haar weg bij onrust en vragen.

Onlangs was ik op een bijeenkomst voor ontwerpers over experience design. Ervaren ontwerpers vertelden over hun werk: Mensen willen geen informatie meer, maar een ervaring! Luid werd het immersieve* beleden: mensen willen het overal, overweldigend en multimediaal prachtig. 

De bijeenkomst zelf was niet erg immersief, en dus dreef ik weg. Naar mijn telefoon. Gelukkig is er altijd Twitter. Er is altijd content voor mijn afhankelijke brein.

En toen dacht ik aan Guy en Mildred. De ontwerpers schetsten Mildreds perfecte wereld en tegelijk leefde ik haar leven. In mijn kleine scherm. Precies zoals de ontwerpers van Twitter bedacht hebben. Time spent.

Fahrenheit 451 is een dystopische roman. Uit 1953. Inmiddels zijn we flink op weg naar Bradbury’s werkelijkheid.

Dus een voorstel, nu het nog kan: Laten we het gewone leven als het meest immersief beschouwen. Samen ontbijten en kletsen. En dan lekker naar het bos. Overweldigend en prachtig.

En misschien dat er dan ergens ruimte vrij komt in iemands hoofd om een sleutelroman te schrijven. Een utopische ditmaal, over een prachtige nieuwe werkelijkheid.

* Het woord immersief is natuurlijk de Nederlandse versie van het hippe immersive. Mag dat? Geen idee. Ik vind het wel lekker lelijk.